Monthly Archives: juli 2016

AGOVV krijgt koninklijk bezoek uit Madrid

Vandaag 28 jaar geleden

Iets meer dan een maand nadat het Nederlands elftal zich in München onder aanvoering van Ruud Gullit en Marco van Basten heeft gekroond tot de beste landenploeg van Europa, krijgt AGOVV bezoek van ‘s werelds meest gelauwerde clubteam. Op 31 juli 1988 valt de nieuwbakken eersteklasser de eer te beurt het op te nemen tegen de Koninklijke uit Madrid.

Toenmalig trainer Don Leo Beenhakker strijkt met zijn voltallige hofhouding neer op Berg en Bos. Galactische dimensies krijgt Real Madrid weliswaar pas twee decennia later, het sterrenensemble dat op deze zomerse zondagavond voor de toeschouwers straalt is eveneens van een allure zoals de Veluwe het voordien niet eerder heeft meegemaakt. Keeper Francisco Buyo, het befaamde scheermes José Antonio Camacho, Manuel Sanchis, Chendo, Antonio Maceda, Rafael Gordillo, Ricardo Gallego, Michel, Emilio Butragueño, de Duitse regisseur Bernd Schuster en de Mexicaanse goleador Hugo Sanchez, ze komen allemaal mee naar Apeldoorn.

De AGOVV’ers slikken de 8-0 nederlaag met een glimlach. Enig punt van teleurstelling bij de matadoren in het blauw is dat naderhand niemand er in slaagt om het maagdelijk witte shirt van één van de beroemde Spaanse opponenten te bemachtigen. De vedetten van Real mogen van hogerhand hun camisa niet afstaan.

31 juli 1988 AGOVV – Real Madrid

I was there…

 

Op een Zwarte Zaterdag naar Frankrijk

Vandaag 11 jaar geleden

Omdat de Ligue 1 doorgaans eerder van start gaat dan de hoogste afdelingen in andere West-Europese landen, heb ik het verleden meermaals de competitiestart in Frankrijk meegemaakt. Op de eerste speeldag van het seizoen 2005-2006 zet ik koers naar Lille, of beter gezegd Villeneuve-d’Ascq. Een Zwarte Zaterdag doet mij niet van kleur verschieten…

Door het drukke vakantieverkeer laat ik me niet van de wijs brengen voor een ritje naar Noord-Frankrijk. Of je die 320 kilometer nou in drie of vier uur aflegt, maakt weinig uit. Gewoon een kwestie van op tijd vertrekken. Hooguit op de ring van Antwerpen of de ring van Brussel – of op allebei! – moet je wat oponthoud incalculeren. Al die vakantiegangers op weg naar het zuiden zijn uren eerder al gepasseerd, die sluiten in de loop van de middag gezellig achteraan in de ellenlange files op de Route du Soleil.

Nadat het in 2004 afscheid heeft genomen van het Stade Grimonprez-Jooris vindt le LOSC een tijdelijk onderkomen in het Stadium Lille Metropole, een tiental kilometers verwijderd van Lille-Centre, in Villeneuve-d’ Ascq. Ik arriveer ruimschoots voor de aftrap ter plaatse.

Druk is het sowieso zelden. Hoewel Lille in 2005 als tweede is geëindigd achter het destijds in Frankrijk ongenaakbare Lyon, staat het qua publieke belangstelling duidelijk in de schaduw van de buren uit Lens. Het iets meer dan 18.000 toeschouwers stadionnetje stroomt zelden vol. De atletiekbaan om het veld draagt niet bij aan de sfeer.

Ik behoor tot de slechts 12697 toeschouwers die de Champions League-deelnemer bij zijn competitie-ouverture met 1-0 zien winnen van Stade Rennais. C’est ça, au revoir! Als ik ruim een uur na middernacht mijn Fordje nachtelijk Apeldoorn binnen stuur, behoort die Zwarte Zaterdag in elk geval al weer tot het verleden.

30 juli 2005 LOSC – Stade Rennais

I was there…

 

Tussen Berg en Bos: extra bolletjes

Ik vond het wel grappig dat enkele mensen mij er vorige week onafhankelijk van elkaar op attendeerden dat De Stentor sportmedewerkers zoekt. Dat ze aan mij denken, vind ik gezien mijn verleden (en heden) niet geheel onbegrijpelijk. Blijkbaar heb ik op de een of andere manier ergens indruk mee gemaakt. Kennelijk is het niet zo slecht wat ik doe of gedaan heb. Maar ja, wanneer je niet gewenst bent, heeft het weinig zin je ergens toe te verlagen. Een ezel stoot zich niet tweemaal aan dezelfde steen. Ik ook niet.

Een voetbaltrainer die ik enkele maanden geleden interviewde, zei het heel treffend: het gaat er niet om wat je kan, maar wie je kent. Een waarheid als een koe. Ik wil er nog wel een andere tegeltjeswijsheid tegenaan gooien: het is in onze kromme heilstaat niet belangrijk wie je bent, maar vooral wat je bent. Ja, wij leven in een raar land. Een omgekeerde wereld. Kwaliteiten doen er in Nederland niet toe. Middelmaat is de norm. Meelopers. Kruipers. En hun vriendjes en vriendinnetjes niet te vergeten, dát zijn de ergsten. Je ziet ze overal terug. Vandaar dat het er voor mij helaas nooit meer in zit om voor een paar tientjes loopjongen te mogen spelen voor de topverslaggevers van een kwaliteitskrant. Die kans heb ik naar het schijnt zelf verspeeld. Ik moet me op mijn vijftigste maar tevreden stellen met wat ik heb en vooral niet zeuren.

Mijn foto zal zodoende nimmer prijken tussen de portretten van al die topcolumnisten die ons dagelijks deelgenoot maken van hun hersenspinsels. Het zal de oplettende lezer zijn opgevallen. Sterker nog, er valt niet aan te komen bij de overdaad aan columns waar onze lokale editie van het AD de argeloze lezer mee overdondert. Moet dat nou zo nodig, de beeltenissen van al die stukjesschrijvers? Wat voegt het toe? De postbode of de slager valt zijn klanten toch ook niet lastig met ongecensureerd beeldmateriaal? Ik kan er niks aan doen, maar ik word er nou niet bepaald vrolijk van om tegen het schijnheilige smoelwerk aan te moeten kijken van een pseudo-intellectuele pillenslikker met een fetisj voor poesjes die al zijn hele carrière de kantjes eraf loopt. Om maar te zwijgen over de levenswijsheden waar deze ouwe Pokémon-jager zijn fans mee bestookt.

Wie de huidige tijdsgeest het meest belichaamt, is die juffrouw met die hoofddoek. Indrukwekkend hoe zij de mate van waarop zij wordt gediscrimineerd weet te exploiteren. Knap hoor. Als zo’n jongedame nou ook nog eens wat zinnigs te melden zou hebben… Al vond ik het zeker interessant hoe mevrouw Ajarai onlangs Jehova’s getuigen vergeleek met Salafisten. Of kan ik het misschien beter vermakelijk noemen? Wie zulke dwarsverbanden legt, moet zich toch wel hoog boven ons gewone aardse stervelingen verheven voelen. Van zoveel huis-, tuin- en keukenwijsheden kan iedere minder bedeelde en begaafde Nederlander ongelooflijk veel opsteken. De enige overeenkomst die ik kan bedenken is dat je de voordeur stevig gesloten houdt wanneer een lid van dit soort clubjes aanbelt.

Hoe deze week de Uddelse ijsverkoper Bob V. het moest ontgelden, kenmerkt de hedendaagse manier van journalistiek bedrijven. Eerst moet iemand op internet de verkooppraktijken van Bob’s IJs ter discussie stellen, vervolgens doet De Stentor er een schepje bovenop. Het geeft toch wel te denken dat verslaggevers van zó’n kwaliteitskrant zó slecht op de hoogte zijn van wat er binnen het verspreidingsgebied van hun eigen krant gebeurt. En over oplichters gesproken. Lijken Bob’s praktijken niet verdacht veel op die van een regionaal dagblad dat zijn lezers in Apeldoorn ongevraagd véél meer geeft dan waarom zij vragen? Een extra bolletje Kampen. Een extra bolletje Sallandse Heuvelrug. Een extra bolletje Putten. Een extra bolletje Noordoostpolder. En dat allemaal in de prijs doorberekenen.

Maar wat zal ik me druk maken. Binnenkort vliegen we toch allemaal de lucht in. De Stentor onthulde deze week immers dat er zoveel Duitse munitie uit de Tweede Oorlog in de bossen rondom ons dorp ligt opgeslagen, dat we ons letterlijk en figuurlijk in een mijnenveld bevinden. De explosieven liggen er al meer dan 70 jaar, maar het kan niet lang meer duren voordat ze ontploffen. Volgens dé nieuwsjager bij uitstek hebben we niet lang meer te leven. Wees dus gewaarschuwd!

Gelukkig telt elke gewaarschuwde Stentorlezer voor twee. Met het tweede bolletje gratis…

© RK

 

Allianz Arena geeft stadionbezoek nieuwe dimensies

Vandaag 7 jaar geleden

Sinds Bayern zijn intrek heeft genomen in de Allianz Arena is het er niet eenvoudiger op geworden om in München live bij wedstrijden van de Duitse Rekordmeister aanwezig te zijn. Thuiswedstrijden voor Bundesliga en Champions League zijn sinds 2005 standaard uitverkocht. 1860 heb ik al wel eens in het nieuwe Schmuckkästchen in het noorden van München aan het werk gezien, de Löwen brullen toch iets minder indrukwekkend dan de machtige plaatsgenoot. Een iets ander kaliber.

Bij het zomerse toernooi om de AUDI Cup doet de gelegenheid zich voor om via internet kaarten te bemachtigen. Ik hap toe en rijd in het gezelschap van Tom de 750 kilometer van Apeldoorn naar de Beierse hoofdstad. Naast  de manschappen van de debuterende Louis van Gaal doen ook Manchester United, AC Milan en het Argentijnse Boca Juniors mee. Het beste van het beste voor slechts 12 euro!

Voor mij is München sowieso een van de mooiste steden die ik ken. Het is niet naast de deur, maar ik kom er graag. Er liggen tal van mooie herinneringen. Met de EK-winst van het Nederlands elftal uit 1988 als de allermooiste.

Maar dat waren andere tijden. Het Olympiastadion van 1972 voldeed niet meer aan de standaard die Bayern München vandaag de dag nastreeft. De veeleisende VIP’s van de eenentwintigste eeuw nemen geen genoegen meer met een plek in de regen. De in 2005 geopende Allianz Arena geeft nieuwe dimensies aan stadionbezoek. Automobilisten die er over de A9 langs heen rijden of stadionbezoekers die vanaf het metrostation Fröttmaning naartoe wandelen, zien een groot ruimteschip opdoemen. Buitenaards. Het mooiste kan in München niet mooi genoeg zijn. Het grootste niet groot genoeg. Alles is piekfijn in orde. Het ontbreekt de toeschouwer aan niets.

Meer dan 60.000 zitten er op de openingsavond van het toernooi om de Audi Cup. Zelfs voor 12 euro heb je niks te mopperen. Ik zit er prima. Als ik dan toch iets van kritiek moet spuien, dan geldt dat voor het ontbreken van een ‘echte’ ouderwetse voetbalsfeer. Maar daarin staan ze in de Beierse metropool niet alleen, dat geldt voor al die moderne amusementspaleizen waarin gevoetbald wordt.

29 juli 2009 Manchester United – Boca Juniors / Bayern München – AC Milan

I was there…

 

Duits-Nederlandse verbroedering bij Intertoto-duel

Vandaag 32 jaar geleden

‘Europees’ uitstapje. Met de supportersbus naar de Intertoto-ontmoeting tussen Eintracht Braunschweig en Go Ahead Eagles. Een hele belevenis. En vooral een lange dag.

Al voor dag en dauw begeef ik me samen met de crème de la crème van de Apeldoornse Eagles-aanhang richting Deventer. We pakken de eerste trein die op deze zaterdagochtend vertrekt. Tijdens de wandeling van het station naar de Adelaarshorst, vanwaar om een uur of acht onze bus vertrekt, maken we eerst de buurt wakker…

Eintracht wijkt voor het duel uit naar Bad Salzdetfurth, een kuuroord iets ten zuiden van Hildesheim, ruim 50 kilometer ten oosten van Braunschweig. De afstand vanaf Deventer bedraagt om en nabij de 400 kilometer. Maar het lijkt wel of er geen eind komt aan de reis. We ontkomen niet aan de indruk dat de chauffeur de weg niet helemaal weet. Tomtoms bestaan anno 1984 nog niet. Pas na een ellenlange reis komen we op de plek van bestemming aan. We hebben wel zeven of acht uur in de bus gezeten. Veel tijd tot aan de aftrap rest ons niet meer.

Bij het plaatselijke Ernst-Hopf-Stadion aangekomen dreigt het wel meteen uit de hand te lopen. De harde kern van de Bundesligaclub is wel nieuwsgierig en wil graag nader kennismaken met de Nederlandse bezoekers. Wonder boven wonder – zeker voor die tijd – gebeurt dit op een vriendschappelijke manier. Met hun Kutten vol emblemen zien de Braunschweigers er dreigender uit dan ze in werkelijkheid zijn. Kutten, ja echt, zo noemen ze hun kenmerkende ‘gewaden’, ik verzin het niet. Het blijken best geschikte lui. Het komt zowaar tot een spontane Duits-Nederlandse verbroedering. Er worden zelfs onderling sjaals geruild en groepsfoto’s gemaakt.

Onze nieuwe Duitse vrienden tonen zich behoorlijk creatief in het componeren van spontane songs. Ondanks de mouwloze spijkerjackjes die ze dragen, schudden ze ze zo uit de mouw. Braunschweig und Deventer, doela doela… Hun optimistische voorspelling dat zowel Eintracht als de Eagles niemals absteigen, berust nochtans niet helemaal op waarheid. De wens blijft nou eenmaal altijd de vader van de gedachte.

In Bad Salzdetfurth blijft de vrede bewaard op 28 juli 1984. Met een 2-1 nederlaag houdt Go Ahead Eagles de schade bovendien beperkt tegen de nummer negen van het Bundesligaseizoen 1983-1984.

Zelfs de busreis terug verloopt zonder noemenswaardige problemen. Dat er bij terugkeer in Deventer nog iemand tussenuit probeert te knijpen met een plastic zak met de opbrengst van de verloting, mag de pret niet drukken.

28 juli 1984 Eintracht Braunschweig – Go Ahead Eagles

I was there…

 

RasenballSport werkt als rode lap op een stier

Vandaag 3 jaar geleden

Met Tom ga ik een weekendje voetballen kijken in de voormalige DDR. Ons uitstapje kent een nogal oververhit verloop. Met temperaturen van boven de 35 graden!

Het Zentral-Stadion van Leipzig heb ik in 1993 al eens eerder bezocht. Toenmalig bespeler VfB Leipzig behoort dat seizoen tot de Duitse elite. Succesvol verloopt het Bundesliga-verblijf van de Ossis niet. Het stadion is een verhaal apart. De 100.000 toeschouwers bevattende kolos ligt na de Wende behoorlijk weg te rotten. Het hout van de banken verkeert in een dermate inferieure staat dat je heel voorzichtig moet gaan zitten. De handeling gaat óf gepaard met splinters in het achterwerk óf je zakt er dwars doorheen!

Twee decennia en een Weltmeisterschaft later heeft de toenmalige bouwval een opmerkelijke metamorfose ondergaan. Ter gelegenheid van het Duitse zomersprookje van 2006 is de toko gesloopt en herbouwd. Aangepast aan de eisen van de moderne tijd. Voor het lieve sommetje van 116 miljoen euro wordt eraan vertimmerd. Andere tijden. Andere bespelers. Sinds de nieuwe, kunstmatig opgetuigde plaatselijke grootmacht RasenballSport er zijn intrek heeft genomen, wordt er met een andere blik naar de Saksense metropool gekeken. Die Roten Bullen wekken afschuw op bij voetbalfans in overige delen van de Bondsrepubliek. Aanhangers van de Traditionsvereinen gruwelen van wat de miljoenen van een energiedrankjesleverancier in Leipzig bewerkstelligen. Een zekere jaloezie zal er ook niet vreemd aan zijn. De betrokkenheid van Red Bull heeft hoe dan ook dezelfde uitwerking als een rode lap op een stier.

Supporters van menig club gaan zelfs zover dat zij wedstrijden van RB Leipzig boycotten. Zó ver gaat het meest fanatieke deel van de aanhang van Preussen Münster niet op de tweede speeldag van de Derde Liga in het seizoen 2013-2014. De fans uit Nordrhein-Westfalen zijn op 27 juli met enkele honderden present in het uitvak van de Red Bull Arena. Met een groot spandoek betuigen zij wél hun afkeer van de tegenstander. De tekst laat niets aan duidelijkheid te wensen over: Red Bull stoppen. Met ontblote bovenlijven scanderen de Münsteraner Jungs bovendien voortdurend anti-Red Bull-leuzen. Pfff, alsof het nog niet warm genoeg is in de reusachtige snelkookpan! Het stoppen lukt die middag slechts ten dele. Maar met een 2-2 gelijkspel kapen de gasten toch maar mooi een puntje weg uit Leipzig.

Nou heb ik in de loop der jaren veel meegemaakt. Wat Tom en ik na afloop op de parkeerplaats voor de kiezen krijgen, slaat werkelijk alles! De thermometer in mijn Ford Focus geeft een temperatuur aan van liefst 40 graden! Een sauna valt er bij in het niet. Ik brand mijn handen bijna aan het stuur, zó warm is het. Normaal is Red Bull al niet te pruimen, onder dit soort extreme omstandigheden smaakt het helemaal niet…

27 juli 2013 RB Leipzig – Preussen Münster

I was there…