De wedstrijdreeks in de BeNe Conference biedt de volleyballers van Dynamo een ideale gelegenheid om nuttige vlieguren te maken. Al betekent een busreis van bijna negen uur om een masterclass van 75 minuten in Roeselare te volgen in de praktijk vooral een lange zit voor Jordi van Laar (17) en consorten.
Een bustocht van in totaal bijna 650 kilometer naar het eerste uitduel van de BeNe Conference is toch net even iets vermoeiender dan het overbruggen per auto naar een doorsnee eredivisie-uitwedstrijd in pak ‘m beet Barneveld, Doetinchem of Huizen. Aanvoerder Freek de Weijer en Youri Ebbelaar namen bij vertrek richting België zelfs kussens mee om het uitstapje enigszins comfortabel te doorstaan.
Wie zich op vrijdag weleens over de Belgische grens waagt zal het niet verbazen dat Dynamo’s buschauffeur zijn grootste tegenstanders vindt op de altijd drukke Ring van Antwerpen. Ook na het passeren van de door weinig automobilisten geliefde Kennedytunnel kan hij niet overal stevig doorrijden.
De heenreis duurt zodoende meer dan vijf uur. Het Dynamo-gezelschap arriveert 110 minuten voor aanvang van de krachtmeting met Knack Roeselare op de plek van bestemming, de REO Arena. Met slechts een korte tussenstop in de benen bij een tankstation ergens langs de E17 tussen Antwerpen en Gent zo op het eerste gezicht geen ideale voorbereiding op een confrontatie met het bij afstand sterkste volleybalclubteam van de BeNe zonder Lux.
Op zich valt de absolute afstand tussen Apeldoorn en Roeselare best te overzien. Vooral de sportieve en financiële kloof zorgt voor schier onoverbrugbare verschillen. Met een budget dat een veelvoud bedraagt van dat van Dynamo bewijst de 16-voudig Belgisch landskampioen en titelverdediger in de BeNe Conference dat ook clubs uit de lage landen kunnen doordringen tot de Europese volleybaltop. Terwijl Dynamo momenteel gedwongen is de tering naar de nering te zetten, staat de volleybaltrots van een West-Vlaams stadje dat half zo groot is als Apeldoorn aan de vooravond van een tweeluik met het Poolse Resovia Rzeszow voor een plek in de kwartfinale van de Champions League.
Feitelijk is Dynamo niet meer dan een tussendoortje voor de ploeg van setter Stijn D’Hulst. Al weten de Nederlanders met 25-21, 25-19 en 25-20 de schade op papier te beperken. Vooral Jordi van Laar ontvangt na afloop talrijke complimenten van enthousiaste Belgische supporters over zijn sterke spel. Het 17-jarige Dynamo-talent spreekt op zijn beurt vol bewondering over de kracht van de tegenstander. “In Nederland hebben we Orion. Dit is nóg een tandje hoger. Het spelen van dit soort wedstrijden is voor ons altijd goed.”
Van Laar, maar ook Lunsing, Ebbelaar en Aleksov, bezitten misschien wel de potentie om ooit door te groeien naar niveau-Roeselare. Al lijkt de kans klein dat het viertal die belofte inlost als speler van Dynamo. In aansluiting op de afscheidstournee van trainer Redbad Strikwerda lijkt het niet onaannemelijk dat de grootste talenten uit de huidige selectie de geplaagde Apeldoornse club eveneens de rug toekeren.
De BeNe Conference en de aansluitende play-offs om de landstitel zijn voor Dynamo’s toppers in spé het ideale podium om hun persoonlijke visitekaartje af te geven. Menen, gelegen op slechts 25 kilometer van Roeselare, is komend weekend de eerstvolgende bestemming. Omdat het zaterdags doorgaans wat rustiger is op de weg dan op vrijdag, zullen de spelers blij zijn dat de reistijd waarschijnlijk iets minder tijd in beslag neemt dan ditmaal naar Roeselare het geval was.
De Stentor maandag 2 maart 2026
