Als hoofdaanvaller beleeft Sil Meijs een topseizoen in Maaseik. Zijn terugkeer voor de BeNe Conference bij Dynamo riep herinneringen op aan het jaar waarin de toenmalige setter de vooralsnog laatste landstitel met de Apeldoornse ploeg mocht vieren.
Het was wel een mooi gezicht. Sil Meijs die Jordi van Laar na de met de door de Belgen met 3-0 gewonnen wedstrijd in Omnisport samen met een groepje meegereisde Maaseik-fans op de foto zette. De huidige vedette van de 16-voudige Belgische landskampioen en de toekomstige rekruut die na de zomer zijn volleybalkunsten gaat vertonen in Belgisch Limburg. “Ik heb Jordi nog training gegeven. Nadat Maaseik hem benaderde, hebben we wel contact gehad. Het is een mooie stap voor hem”, vindt de 24-jarige Oranje-international dat het 17-jarige Dynamo-talent er goed aan doet zijn grenzen te verleggen naar onder de Moerdijk.
Donderdagavond werd Maaseik in Duitsland uitgeschakeld in de halve finale voor de CEV Cup bij SGV Lüneburg. Een dag later op de terugweg naar huis moesten Meijs c.s. nog even aan de bak tijdens een tussenstop in Apeldoorn voor de afsluiter van de BeNe Conference. Al wilde Meijs niets weten van een verplicht nummer. “Het gaat nergens om, maar het is natuurlijk wel aan ons om de eer hoog te houden. Je wilt zo’n wedstrijd wel winnen.”
Tijdens het seizoen waarin hij actief was Apeldoorn droomde de ooit als talentvol keepertje door FC Utrecht afgeteste Meijs er nog van om in 2028 als spelverdeler met Oranje op de Olympische Spelen te staan. Zijn toenmalige clubtrainer opperde destijds al dat hij misschien beter tot zijn recht zou komen als diagonaal, de positie waarop hij inmiddels furore maakt.
“Ik heb een hartstikke goede tijd gehad bij Dynamo. Ik heb echt wel minuten gemaakt. Redbad Strikwerda wilde mij toen ook al laten aanvallen. Daar hebben we het wel over gehad. Hij heeft het goed gezien. Hij heeft er natuurlijk wel kijk op. Dat ik ben vertrokken naar Limax kwam vooral doordat ik meer wilde spelen. Financieel scheelde het niet eens zoveel”, zegt Meijs bijna drie jaar na dato over zijn keuze om de Apeldoornse club na slechts één jaar alweer de rug toe te keren.
In Italië lonkt een veelbelovende toekomst. Alvorens hij terugkeert naar zijn werkgever Modena, dat hem verhuurt aan Maaseik, hoopt Meijs zijn verblijf in België op gepaste wijze af te sluiten. “België is een goeie springplank geweest. Ik had geen enkele ervaring als diagonaal. Daarom ben ik heel blij met het feit dat Maaseik mij genomen heeft. We mogen trots zijn op de derde plek die we Europees hebben gehaald. In de competitie en de beker hebben we nu nog alles om voor te spelen.”
De Stentor dinsdag 7 april 2026
