Heden en verleden komen samen in Saarbrücken: brandweer hoeft bezoekers van Ludwigspark niet opnieuw vochtig te houden

door | 30 augustus 2026

Achter de bal aan (130/2): Saarbrücken

Zondag 30 augustus 2026

FC Saarbrücken is het seizoen in de 3. Liga begonnen met twee zeges. Tegenstander Hansa Rostock (een zege, een gelijkspel) wacht ook nog op de eerste nederlaag. De herdenking van een overleden Hansa-fan verdringt het beloofde spektakel binnen de lijnen enigszins naar de achtergrond.

Alvorens ik mijn plaats inneem op de Oberrang van Block T3 van het Ludwigsparkstadion, ga ik eerst op de culturele en historische tour. Aangezien ik vandaag geen treinstel van binnen zie maak ik een groot deel van ochtend een Spatziergang door de Saarlandse Geschichte. Het op de Schlossberg gevestigde historisch museum Saar legt op een oppervlak van 2700 vierkante meter de regionale geschiedenis bloot. Vanaf het einde van de Frans-Duitse oorlog in 1871 tot aan de opname van het zelfstandige Saarland als tiende Bundesland van de BRD in 1957. Enorm interessant voor iemand met interesse in geschiedenis.

Heen en weer geslingerd tussen Franse en Duitse invloeden heeft de Saarlandse bevolking de afgelopen 250 jaar zich meermaals moeten aanpassen aan andere heersers. De tentoonstelling leert me ook dat de Stahlhelm, het kenmerkende hoofddeksel dat Duitse soldaten droegen in twee Wereldoorlogen, gemaakt is van Saarlands staal. Dat wist ik niet. Dat Saarland in 1952 als onafhankelijke staat deelnam aan de Olympische Spelen in Helsinki, is een ander leuk weetje. Over de twee interlands van het toenmalige Saarlandse nationale voetbalelftal in 1956 en 1957 tegen het ‘grote’ Oranje vind ik helaas niets terug. Als chauvinistische Nederlander zou ik toch denken dat dat hét sportieve hoogtepunt was uit dat bewuste tijdperk.

In het Ludwigspark, sinds bijna driekwart eeuw de thuisbasis van de plaatselijke voetbaltrots uit de Landeshaupstadt, ligt voor mij – zoals in talrijke voetbaltempels over onze oostgrens – een stukje persoonlijke historie. De enige keer dat ik er eerder een wedstrijd bijwoonde zal ik niet zo snel vergeten. Het dateert al van meer dan 23 jaar geleden. Nog voor de renovatie van het stadion. Ook toen was een club uit de voormalige DDR tegenstander van de erster FCS: Erzgebirge Aue. Van de wedstrijd zelf (5-1) staat me niets meer bij. Wel dat vanwege de (sub)tropische omstandigheen de brandweer over de atletiekbaan reed om de aanwezige toeschouwers van een meer dan welkome koude douche te voorzien.

Er was toen sprake van een ouderwets warme zomerdag met uitschieters in temperatuur naar ruim boven de 30 graden. Aan coderen verspilden deskundigen van meteorologische instituten hun kostbare tijd en energie in die dagen niet. Anders was dit ongetwijfeld code rood geweest. Donkerrood zelfs! Over klimaatverandering hoorde je niemand. In 2003 blokkeerden onverbeterlijke gekken geen snelwegen. Het was vooral een kwestie van goed insmeren en nat houden.

Spetterend gaat het er ditmaal aanvankelijk niet aan toe. De fans van beide clubs staan stil bij een supporter uit Rostock die enkele maanden geleden bij het vorige bezoek van Hansa aan Saarbrücken een val van de tribune niet overleefde. Uit respect voor de overledene laten beide supportersgroepen de eerste 19 minuten van de wedstrijd hun gebruikelijke gezangen achterwege. Er worden zelfs kransen gelegd op de plek waar het slachtoffer te pletter viel. De thuisaanhang begeleidt due kranslegging met een staande ovatie. Indrukwekkend.

Vanaf de twintigste minuut gaat iedereen op de Virage Est, de staantribune van de harde kern van de thuisclub, los. Het blijft echter netjes en respectvol naar elkaar toe. De Rostockers in het uitvak houden als dank twee spandoeken omhoog met de tekst: Virage Est & 1FCS – Danke und Respekt fur eure Anteilanhme und Unterstützung. Mooi. Schön.

De aanhangers uit de voormalige DDR genieten geen al te beste reputatie. Vandaag gedragen ze zich voorbeeldig. Zelfs bij het juichen voor de doelpunten van hun ploeg nemen ze de nodige terughoudendheid in acht. Vier maal gebeurt dat maar liefst. Vier keer wekt de in stemmig zwart geklede meute de schijn alsof het met tegenzin gebeurt. Al neem ik voor de goede orde maar aan dat ze ondanks alles best blij zijn dat ze de drie punten uit deze lastige uitwedstrijd mee naar huis mogen nemen.

Aan de overkant op de Virage kunnen de hardcore Saarbrücken-fans maar twee keer uit hun dak. Maar zelfs als de eerste competitienederlaag niet meer te vermijden valt, vervolgen ze hun gezangen in volle hevigheid. Het Virage duidt eens te meer op de Franse invloedsfeer. Nee, in Saarbrücken geen Nordkurve of K-Block, maar Virage Est. Op z’n Frans.

Het ‘nationale stadion’ van Saarland werd al in 1953 geopend. Een jaar later zaten er 53.000 mensen bij de WK-kwalificatiewedstrijd tegen de latere Weltmeister West-Duitsland. Gedurende een grondige renovatie, die in het coronajaar 2021 werd afgerond, hebben ze er een ‘echt’ voetbalstadion van gemaakt, de lelijke atletiekbaan verwijderd en de capaciteit teruggebracht tot 16.000. Vanmiddag zitten er 14.600 mensen. Ik kan weinig lege plekken ontdekken.

Moet je nagaan, bijna 15.000 toeschouwers bij een voetbalwedstrijdje in de 3. Liga. Dat is wel bijna het dubbele aantal van wat er bij de Spakenburgse derby op soortgelijk niveau bij ons afkomt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *