‘Members only’ in het estadio Santiago Bernabéu

By | 25 oktober 2016

Vandaag 13 jaar geleden

Real Madrid is hot. Er kan tenslotte maar één voetbalclub de meest succesvolle club ter wereld zijn. Dat was in de gouden jaren onder Franco al zo, tegenwoordig met CR7 is er weinig veranderd. Al heeft een club die z’n spelers buitenaardse dimensies toedicht het wel een beetje hoog in de bol.

Anno 2003 heten de helden Raúl, Roberto Carlos, Figo, Zidane en Ronaldo (de dikke, de Braziliaan). Het ‘merk’ David Beckham komt er dat jaar ook bij. Onbetaalbaar. Exclusiviteit gewaarborgd. En hoewel het voetbal in de Spaanse hoofdstad al lang niet meer van het volk is, verdringt het volk zich massaal voor de sterren. Dat dat vaak synoniem staat voor volksverlakkerij van de eerste orde, slikken de voetballiefhebbers voor zoete koek. Erbij zijn, daar gaat het om. Wie zich eenmaal hult in zo’n maagdelijk wit shirt met drie strepen om zich te identificeren met de grote vedetten, hoort erbij. En dat mag best wat kosten.

Dertien jaar geleden maak ik mee wat een geweldige k..club dat Real eigenlijk is. Hoe ze kaarten aan de man brengen voor een weinigzeggend potje tegen Racing Santander, daar valt weinig koninklijks aan te ontdekken. Het gaat werkelijk alle perken te buiten, zo merk ik als ik aan het einde van de ochtend, bijna negen uur voor de aftrap, probeer m’n slag te slaan. Ik heb mijn ervaringen destijds al voor mezelf opgeschreven. Zelfs nu valt eigenlijk met geen pen te beschrijven hoezeer bezoekers aan het estadio Santiago Bernabéu zich mogen laten vernachelen.

Tijdens de hooguit 100 meter vanaf het metrostation naar de taquillas bij de Fondo Sur bieden veelal oudere heren mij zeker vijf, zes keer kaarten aan. Bij het ticket office staat al een rij wachtenden van zeker dertig meter lang. Hoewel één van de zwarthandelaren me toefluistert dat vandaag ‘only members’ een entrada kunnen kopen, sluit ik achter in de rij aan. Die mensen zullen er toch niet voor niets staan. Normaal gesproken gaan om 11 uur de kassa’s open. Dus waarom zou dat ditmaal niet gebeuren? Er staat een mannetje of 80 voor me. Een straffe wind. Alles behalve warm. Je moet er wel wat voor over hebben om de koninklijke sterren te mogen zien stralen. Er heeft zich een zeer gemêleerd gezelschap verzameld. Groot, klein, oude mannen, jonge meisjes, Engelse studenten en de onvermijdelijke Japanners. De zwarthandelaren proberen ondertussen zaken te doen. Maar ik wacht geduldig tot de loketten opengaan. Een kaartje kopen op de zwarte markt kan altijd nog.

Om één minuut over elf gaan de vier loketten voor de socios open. De luiken van de overige loketten blijven omlaag. De rij wachtenden is inmiddels aangezwollen tot een lengte van 40 à 50 meter. Geduld wijst zich weer eens uit als een schone zaak. De hemel wordt ondertussen steeds donkerder. Ik vraag me af wat ik eerder zal hebben: een kaartje of een nat pak? De tientallen wachtenden verkleumen, maar het merendeel blijft nog steeds geduldig wachten. Voor zo’n club is het echt waardeloos geregeld. Het is bijna half 12 als een Engelsman die achter mij staat, besluit bij één van de geopende kassa’s te gaan vragen of het ‘gewone’ publiek nog de gelegenheid krijgt om entreebewijzen aan te schaffen. Het blijkt inderdaad exclusivamente socios vandaag. Hij houdt het daarop voor gezien. Steeds meer mensen volgen zijn voorbeeld, geven de moed op en druipen af. Voor de zekerheid informeer ik ook zelf nog maar even bij één van de geopende balies hoe het nou precies zit. Inderdaad: alleen socios, alleen eigen volk. Voor andere voetballiefhebbers “no hay entradas”. Dáár sta ik dus meer dan drie kwartier voor Juan met een korte achternaam in de rij.

Wát een systeem! Real Madrid verkoopt de tickets enkel aan leden, en wat doen die? Die verkopen ze vervolgens voor het twee- of drievoudige van de normale prijs verder. Hoezo de zwarte handel stimuleren! Met stapels tegelijk zijn de entreebewijzen te koop. Voor 50 euro wil een jongen mij een kaartje verkopen voor de Grada, aan de speelveldrand. Normale prijs 15 euro. Tel maar uit je winst. Maar ik wacht nog eventjes af. Ik heb geen haast en besluit eerst maar eens een rondje om het stadion heen te lopen. Voor een soort van vergelijkend warenonderzoek, zeg maar.

Om de hoek, op de Calle Raffael Salgado, halen ze de toegangskaarten nota bene zo uit de muur. Navraag leert dat het om telefonisch bestelde kaarten gaat. Via een soort pinautomaat, een platte ronde blauwe bak, kan de bestelling tevoorschijn worden getoverd. Wie kaarten heeft besteld beweegt een pasje (of een creditcard?) door een witte gleuf. Bingo. Hele ritsen met kaarten komen eruit tevoorschijn. De techniek staat voor niets. Vol verbazing zie ik hoe twee knapen zich op deze ingenieuze manier in één handeling wel zeven of acht kaarten toe eigenen. Dat de entradas niet voor eigen gebruik zijn, spreekt voor zich. Voor 70 euro gaat een en ander – toren C, derde ring – in de verkoop. Belangstellenden moeten echter wel snel van deze genereuze aanbieding profiteren, maakt één van het tweetal enkele omstanders duidelijk: “Over twee uur kosten ze 80 euro”.

Terug in de Concha Espina sla ik toe. Het regent inmiddels en ik voel er weinig voor om doorweekt te raken. Voor 50 euro laat ik me afzetten en koop ik een kaartje voor de Fondo Sur, vierde ring. Normale prijs 15 euro. Dankzij het fantastische verkoopbeleid van Real Madrid ben ik dus 35 euro duurder uit dan noodzakelijk. De man van wie ik de kaart overneem, een ‘échte’ Real-supporter in origineel Real-regenjack, heeft ook al weer een heel pak toegangsbewijzen in z’n bezit. Ik kan zelfs uit meerdere vakken kiezen. Hij heeft van alles voorradig. En het mooie is dat hij zijn waar slijt vóór de loketten. Geen clubfunctionaris die er naar kraait. Het zal me niet verbazen wanneer de heren aan de kassa’s zelf ook een graantje meepikken bij de distributie. Voor de goede orde vraag ik aan een van hen of het ticket dat ik zojuist heb aangeschaft niet vals is. Kleurencopietjes zijn immers nauwelijks nog van echt te onderscheiden. Zijn antwoord luidt bevestigend. Ik word dus niet dubbel genaaid.

Ruim anderhalf uur voor de aftrap ben ik terug bij het stadion. Bij het passeren van de toegangspoorten bij Torre A reageert de automatische lezer zowaar positief op de streepjescode op mijn entreebewijs. De zaak slaat niet op tilt. Het kaartje blijkt dus inderdaad niet nep. Via een draaigeval kan ik naar binnen toe. De in oranje jassen gestoken bewakers, die erop toezien dat de binnenkomst van de toeschouwers vlekkeloos verloopt, fouilleren niet.

Naar het vierde anfiteatro is wel een hele klim. Ik moet tientallen treden overwinnen om Vomitorio 86 te bereiken. Mijn plekje bevindt zich bijna in de nok van het stadion, je kan nog exact zeven rijen hoger. En hoog dat is het zeer zeker, steil idem dito. Wie last heeft van hoogtevrees kan beter thuisblijven. Het speelveld ligt diep onder me, het lijkt wel of ik in een gapend ravijn kijk. Sta je op die hoogste ring, dan voel je jezelf heel klein. Ik zit in elk geval hoog en droog. Prachtig overzicht. Indrukwekkend.

Bernabéu biedt plaats aan zo’n 75.000 toeschouwers. Het stadion is die avond goed gevuld, maar zeker niet uitverkocht. Vooral langs het veld – in de stromende regen – zijn veel lege plekken. Ook bij mij in de buurt blijven tientallen stoeltjes onbezet. Veel socios en zwarthandelaren zijn met hun handel blijven zitten. Stelletje oplichters!

Een bij vlagen weergaloos Real wint met 3-1. Maar ook al heb ik me een poot laten uitdraaien, het is het wel waard. Zo’n avondje Bernabéu is gewoon leuk om een keer mee te maken.

25 oktober 2003 Real Madrid – Racing Santander

I was there…

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.