Straatvoetballer wil niet kiezen tussen veld en zaal; ‘Dubbelleven’ bij WSV bevalt Rachid Boughalab prima

By | 26 december 2016

Niet iedereen begroet het combineren van veld- en zaalvoetbal met evenveel enthousiasme. Menig veldtrainer juicht niet toe wanneer spelers uit zijn selectie daags na een inspannende indoorwedstrijd niet helemaal ontspannen aan de aftrap staan. Artiesten aan de bal moeten zodoende soms ongewild keuzes maken. Het zal daarom niemand verbazen waarom het ‘dubbelleven’ bij zijn nieuwe club Rachid Boughalab prima bevalt. Bij WSV kan de 24-jarige rasvoetballer zich zowel binnen als buiten onderscheiden. “Ik wil elke week een acht of een negen halen.”

Als ouderwetse straatvoetballer behoort Rachid Boughalab tot een bijna uitstervend ras. “Ik heb het op straat geleerd. Ik was altijd aan het voetballen. Samen met een heleboel jongens uit de Maten en het Woudhuis. Steven Berghuis, Kahan Özcan, Rihairo Meulens, Ramazan Albayrak, om er maar een paar te noemen. Reza Ngarigota was er ook vaak bij. Daar is OSSO ook uit ontstaan: Op Straat Sportief Ontmoeten. Helemaal in het begin heette dat Nacional, daar ben ik begonnen met zaalvoetballen. Op het veld was WSV mijn eerste club.”

Omzwervingen

Erg honkvast was het jeugdige talent met de Marokkaanse roots niet. Boughalab maakte al de nodige omzwervingen. Bij WSV, AGOVV, de jeugdacademie van Vitesse, opnieuw AGOVV, FC Zutphen, Alexandria en TKA verdiende de behendige dribbelaar zijn sporen op het veld. Zijn alter ego in de zaal schitterde bij Nacional, Robur et Velocitas, Sparta Nijkerk, LZV Kuypers, Fenerbahçe Beringen in België en andermaal LZV. “Na die periode bij FC Zutphen ben ik een poosje gestopt met veldvoetbal. Ik mocht niet in de Eredivisie zaalvoetballen én op het veld voetballen.”

Bij WSV keerde hij terug bij een club die een uitzondering op een ongeschreven regel vormt. WSV’s voetbalbestuur moedigt voetballers zelfs aan een een-tweetje op te zetten tussen veld en zaal Voorzitter Diederik Bos streeft ernaar getalenteerde zaalvoetballers in WSV’s hoofdmacht te integreren op weg naar de top van het veldvoetbal. Tegelijkertijd wil de clubleiding van de kersverse Eredivisionist mede met behulp van balvaardige veldvoetballers proberen in de top van het zaalvoetbal te blijven meedraaien. Kortom, ideaal voor Boughalab, vorig seizoen nog actief in de zaal bij LZV Kuypers uit Lichtenvoorde en op het veld bij TKA.

Eigen bedrijf

“Met 24 jaar voel ik mezelf niet meer een van de jongsten. Ik kom op een leeftijd dat ik ook aan mijn toekomst moet denken. Samen met mijn broer heb ik sinds vorig jaar een eigen bedrijf. Door bij WSV te voetballen, kan ik daar voor 200 procent aandacht aan geven. Ik heb altijd buiten Apeldoorn gezaalvoetbald. Dat valt niet te combineren met onze garage. Groot voordeel van het voetballen bij WSV, is dat ik weinig tijd kwijt ben aan reizen. Natuurlijk heb ik ambities. Ik wil zo hoog mogelijk voetballen. In de zaal wil ik dit seizoen met WSV in de Eredivisie blijven en mijn debuut maken in het Nederlands team. Op het veld wil ik kijken waar m’n top ligt. Het liefst bij WSV, maar de tweede klasse is niet mijn top. Ik kan hoger voetballen. Voor het geval ik ergens een financiële klapper kan maken, zal ik er zeker over nadenken. Maar dan alleen als zowel het financiële als het sportieve plaatje goed is.”

Boughalab draait er niet omheen, kiest zoals met alles wat hij doet de kortste weg naar het doel. Kijkend naar de kwaliteiten die de selectie herbergt meent hij dat hij met WSV’s eerste elftal op het veld kampioen moet worden in de tweede klasse J. Eerzuchtig als hij is, eist hij van zichzelf daarbij een voortrekkersrol. Hij wil altijd beslissend zijn, een meerwaarde voor het team zijn. “Het is zaak om jezelf te onderscheiden. Op dit niveau moet ik eigenlijk elke wedstrijd één of twee doelpunten of assists per wedstrijd maken. Als buitenspeler vanaf links ben ik op m’n best. Ik zou ook wel in een vrije rol vanuit het midden kunnen spelen. Het kan altijd beter. Ik moet wat slimmer worden. Marokkaanse voetballers reageren vaak wat emotioneler dan Nederlanders. Als het bij mij niet loopt, ben ik te makkelijk uit de wedstrijd te halen. Dat moet eruit. Ik moet constanter worden. Elke week presteren. Als je in het cijfers uitdrukt, wil ik elke week een acht of een negen halen. Helaas lukt dat niet altijd.”

Eredivisie-ervaring

Bij het Eredivisie-debuut van WSV/Shoepimp uit bij FC Eindhoven scoorde Boughalab op vrijdag 16 september een historische goal. Zijn 0-1 in het Eindhovense Topsportcentrum gaat de boeken in als de eerste goal ooit van een Apeldoornse club op het allerhoogste landelijke niveau. Voor de kandidaat-international is zaalvoetballen in ’s lands eliteklasse niet nieuw. In het shirt van LZV Kuypers deed hij al rijkelijk Eredivisie-ervaring op. Volgens Boughalab moet WSV/Shoepimp zich in eerste instantie richten op het veiligstellen van het Eredivisieschap. “We moeten zorgen dat we ons handhaven. Van wedstrijd tot wedstrijd kijken en voldoende punten pakken.”

Bron: Sportmagazine Deportivo Apeldoorn

Foto: Rico Brouwer

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.